Skip to main content
Skip table of contents

Event eigenschappen

Algemene event eigenschappen

Eigenschap

Beschrijving

ID

Unieke referentie voor dit event.

Naam

Gebruiksvriendelijke naam voor dit event. Weergegeven in de workflow editor.

Asynchronous before

Zie asynchroniciteit.

Asynchronous after

Zie asynchroniciteit.

Element documentation

Volledige beschrijving van het element als de Naam van het element onvoldoende informatie biedt. Daarnaast kan hier alle informatie worden ingevoerd die kan bijdragen aan het begrip van het element en zijn functie binnen de workflow.

Standaard events

Cancel end event

Enkel beschikbaar binnen de scope van een transactional subprocess. Dit type event stuurt een cancellation uit die vervolgens opgevangen wordt door een cancel catch boundary event dat vastgemaakt zit aan het subprocess. Het resultaat is dat het subprocess afgesloten wordt én dat alle compensation catch events binnen de scope van het subprocess getriggerd worden. Een uitgewerkt voorbeeld vind je in de sectie over compensations en cancellations.

Geen speciale eigenschappen voor dit type event.

Compensation catch start event

Hiermee vang je binnen de scope van een embedded subprocess een compensation op die uitgestuurd werd vanuit het hoofdproces. Binnen het embedded subprocess moet het compensation catch start event gedefinieerd zitten binnen een event subprocess. Een uitgewerkt voorbeeld vind je in de sectie over compensations.

Geen speciale eigenschappen voor dit type event.

Compensation throw end event

Hiermee stuur je een compensation uit die vervolgens opgevangen wordt door compensation catch events. Hier zijn twee mogelijkheden.

  1. De compensation is niet verder geconfigureerd en verwijst dus niet naar een specifieke activiteit. Dit betekent dat alle compensation catch boundary events in scope getriggerd worden.

  2. De compensation verwijst naar een specifieke activiteit. In dat geval wordt enkel het compensation catch boundary event gedefinieerd op die activiteit, getriggerd.

Eigenschap

Beschrijving

Wait for completion

Documentatie volgt.

Activity ref

Dropdown waar je een specifieke activiteit (binnen dezelfde workflow én waarop een compensation catch boundary event vastgeklikt zit) kan selecteren. Enkel die activiteit zal worden gecompenseerd.

Compensation throw intermediate event

Idem als hoger, met dat verschil dat de token verdergaat in de flow nadat alle opgeroepen compensaties uitgevoerd zijn.

Eigenschap

Beschrijving

Idem als hoger

Idem als hoger

Conditional catch intermediate event

Wanneer een proces token arriveert in een conditional catch intermediate event, wordt deze daar vastgehouden tot op het ogenblik dat de ingestelde conditie naar true evalueert. De conditie kan je instellen door middel van een workflow expressie of een script.

Eigenschap

Beschrijving

Variable name

Optioneel in te vullen. Standaard evalueert de engine de conditie telkens er iets wijzigt aan gelijk welke procesvariabele. Door hier een specifieke variabele in te stellen, kan je dit gedrag inperken en evalueert de engine de conditie enkel indien er iets wijzigt aan de hier opgegeven procesvariabele.

Variable events

Optioneel in te vullen, enkel als Variable name is ingesteld. Komma gesepareerde lijst van types wijzigingen. Mogelijke waarden zijn create, update, delete. Hiermee kan je bijvoorbeeld aangeven dat de engine de conditie enkel mag evalueren op het moment dat de opgegeven procesvariabele aangemaakt wordt.

Condition type

Expressie of script.

Expression

Bouw de condition via een workflow expression. Klik op de link voor meer info over syntax.

Script

Bouw de condition via een workflow script. Klik op de link voor meer info over syntax en detailinstellingen.

Conditional start event

Een conditional start event kan je op twee manieren gebruiken.

  1. Om een nieuw proces (process instance) op te starten. Documentatie hierover volgt.

  2. Om een event subproces op te starten. Dit type subproces start onmiddellijk op van zodra de conditie opgesteld in de expressie of het script naar true evalueert. Opgelet: dit heeft een effect op het hoofdproces waarbinnen dit subproces gedefinieerd zit.

    1. Als het een interrupting conditional start event (volle lijn) is, dan worden alle onderling gelinkte tokens binnen het hoofdproces onmiddellijk gecancelled. Het hoofdproces stopt.

    2. Als het een non-interrupting conditional start event (stippellijntjes) is, dan loopt het hoofdproces gewoon verder en het event subproces wordt er parallel mee uitgevoerd.

Eigenschap

Beschrijving

Idem als hoger

Idem als hoger

End event (leeg)

Geen speciale eigenschappen voor dit type event.

Error throw end event

Gebruik een error end event om een subproces af te sluiten en tegelijk een BPMN-error op te werpen. Deze error kan je opvangen via een intermediate error catch event die gedefinieerd zit op de boundary van je subproces.

Eigenschap

Beschrijving

Global error referenced

Naam + code van de BPMN-error.

Name

Naam van de BPMN-error die uitgestuurd wordt.

Code

Code van de BPMN-error die uitgestuurd wordt.

Message

Extra informatie die meegestuurd wordt met de error.

Escalation throw end event

Gebruik een escalation throw end event binnen de scope van een embedded subprocess of een called workflow. Deze stuurt een escalatie uit die opgevangen wordt via een escalation catch boundary event die op het bovenliggende niveau een alternatieve of bijkomende flow triggert.

Eigenschap

Beschrijving

Global escalation referenced

Naam en code van de escalatie die je uitstuurt.

Global escalation name

Naam van de escalatie die je uitstuurt.

Global escalation code

Code van de escalatie die je uitstuurt.

Escalation throw intermediate event

Idem als bij escalation throw end event. Een intermediate event consumeert de process token evenwel niet, maar geeft deze door zodat het proces verder loopt.

Eigenschap

Beschrijving

Idem als hoger

Idem als hoger

Escalation catch start event

Een escalation catch start event wordt gedefinieerd binnen een event subprocess en vangt een binnen het hogergelegen proces uitgestuurde escalatie op. Er bestaat een interrupting variant (volle lijn) die het hogergelegen proces afbreekt, en een non-interrupting variant (stippellijntjes) die het hogergelegen proces niet onderbreekt, en dus een parallele flow opstart.

Link catch intermediate event

Eigenschap

Beschrijving

Link name

Definieer zelf een key waarmee je een link intermediate catch event kan linken aan een link intermediate throw event.

Link throw intermediate event

Eigenschap

Beschrijving

Link name

Definieer zelf een key waarmee je een link intermediate throw event kan linken aan een link intermediate catch event.

Intermediate throw event

Geen speciale eigenschappen voor dit type event.

Message throw end event

End event dat tegelijk een message kan uitsturen.

Eigenschap

Beschrijving

Implementation

Dit bepaalt de wijze waarop een message wordt uitgestuurd. Mogelijke opties zijn een expressie, een Java Class, een delegate expressie, external of via een connector. Meer info vind je terug onder de sectie signals & messages.

Global message referenced

Key van de message die je uitstuurt.

Global message name

Naam of label van de message die je uitstuurt.

Meer info over messages.

Message catch intermediate event

Eigenschap

Beschrijving

Global message referenced

Key van de message die je opvangt.

Global message name

Naam of label van de message die je opvangt.

Meer info over messages.

Message throw intermediate event

Eigenschap

Beschrijving

Idem als hoger

Idem als hoger

Het effectief uitsturen van de message kan op verschillende manieren gebeuren. Hiervoor moet je

Meer info over messages.

Message catch start event

Indien je een workflow opstartbaar wil maken vanuit de frontoffice, heb je een message start event nodig.

Onder tabblad basis

Eigenschap

Beschrijving

Message key

Key die ingevoerd moet worden bij de dossiertype instellingen (zie Message start event).

Onder tabblad geavanceerd

Eigenschap

Beschrijving

Global message referenced

Zelfde als Message key in tabblad basis.

Global message name

Zelfde als Message key in tabblad basis.

Meer info over messages.

Signal throw end event

Eigenschap

Beschrijving

Global signal referenced

Key van de signal die je uitstuurt.

Global signal name

Naam van de signal die je uitstuurt.

Variables (in mapping)

Mogelijkheid om procesvariabelen over te brengen van het proces dat het signal uitstuurt (signal‑throwing process instance) naar alle processen die het signal opvangen (signal‑catching process instances).
De variabelen worden:

  • bij een Signal start event gezet op het moment dat het catching proces wordt opgestart;

  • bij een Signal intermediate catch event gezet net vóór de wait‑state wordt verlaten.

Drie manieren om variabelen door te geven:

  • Source: kopieert een bestaande procesvariabele van het uitsturende proces naar het ontvangende proces.

    • Source: key van de procesvariabele in het uitsturende proces.

    • Target: key van de procesvariabele die je wil creëren in alle ontvangende processen.

  • Source expression: berekent de waarde dynamisch via een expressie.

    • Source expression: expressie die de waarde oplevert.

    • Target: key van de procesvariabele die je wil creëren in alle ontvangende processen.

  • All: kopieert alle procesvariabelen in het uitsturende proces naar alle ontvangende processen (variables="all").
    Deze mogelijkheid wordt ten stelligste afgeraden (bad practice).

Je kan meerdere mappings tegelijk gebruiken (bijv. variables="all" local="true" combineren met enkele expliciete source‑ en sourceExpression‑mappings).

Schakel de checkbox local in om de over te brengen variabelen te beperken tot de lokale variabelen van de execution die het signal throw event uitvoert (local="true" in de BPMN‑configuratie). Aan catching‑zijde worden de ontvangen variabelen ingesteld in de hoogst mogelijke variabele scope van het signal‑catching proces.

Signal catch intermediate event

Eigenschap

Beschrijving

Global signal referenced

Key van de signal die je opvangt.

Global signal name

Naam van de signal die je opvangt.

Signal throw intermediate event

Dit type event wordt aangestuurd door een Skryv template.

Tabblad basis

Eigenschap

Beschrijving

Signaalnaam

Key (unieke referentie) van het signaal.

Mijlpaal?

Boolean (ja of nee) die het signaal oppikbaar maakt door een mijlpaal in het dossier.

Doorsturen naar DOSIS?

Boolean (ja of nee) die het signaal oppikbaar maakt voor de DOSIS-connector. Indien ingeschakeld, worden een reeks DOSIS-velden beschikbaar waarvan er een aantal verplicht in te vullen zijn.

Agent identificatie

DOSIS-veld. Rijksregisternummer, KBO-nummer of V-code van de betrokken partij. De standaardwaarde veronderstelt dat inloggegevens werden opgehaald in een vorige stap in de BPMN.

Agent toegangsrecht

DOSIS-veld. De defaultwaarde is ‘Raadpleger’. Geef eventueel een applicatiespecifiek IDM-toegangsrecht op.

IPDC-code

DOSIS-veld. Dit is de IPDC-code die aansluit bij jouw proces. Controleer of deze code wel geactiveerd is voor eGovFlow DIY.

Status Vlaamse fase

DOSIS-veld. Fase in de levenscyclus van het dossier. Zie Vlaamse Fasen. Mogelijke waarden: Samenstelling, Behandeling, Beslissing, Uitvoering, Afgerond.

Status Vlaamse code

DOSIS-veld. Gedetailleerde statuscode binnen de fase. Zie Vlaamse Codes. Voorbeelden: Aangevraagd, InBehandeling, Goedgekeurd, Geweigerd. Let op: technische codes bevatten geen spaties of trema's (bv. Geinitieerd, niet Geïnitieerd).

Status detailbeschrijving

DOSIS-veld. Optionele bijkomende beschrijving voor de status.

Status actie

DOSIS-veld. Indien actie vereist is, optionele aanduiding welke actie verwacht wordt van de burger of onderneming.

Dossiernaam

DOSIS-veld. Leesbare naam van het dossier, zichtbaar voor de burger in Mijn Burgerprofiel. Bv. Bossubsidie Molenstraat, Jobbonus 2024.

Contact naam

DOSIS-veld. Naam van de dossierbeheerder of contactpersoon. Zichtbaar voor de burger als aanspreekpunt bij vragen.

Contact dienst

DOSIS-veld. Dienst of afdeling verantwoordelijk voor het dossier.

Contact telefoon

DOSIS-veld. Telefoonnummer van de dossierbeheerder.

Contact e-mail

DOSIS-veld. E-mailadres van de dossierbeheerder.

Contact website

DOSIS-veld. Website met meer informatie over de dienstverlening. (De URL dient te starten met http:// of https://)

Tabblad geavanceerd

Signal catch start event

Eigenschap

Beschrijving

Global signal referenced

Zie hoger bij signal catch intermediate event

Global signal name

Zie hoger bij signal catch intermediate event

Start event (leeg)

Geen speciale eigenschappen voor dit type event.

Een workflow of subproces mag één en slechts één leeg start event hebben. Dit is waar de process token ontstaat bij het opstarten van het proces of subproces.

Terminate end event

Geen speciale eigenschappen voor dit type event.

Op het ogenblik dat hier een process token arriveert, wordt het volledige proces afgesloten, ongeacht of er zich nog andere onderling gelinkte process tokens in het proces bevinden.

Timer intermediate event

Dit event houdt de process token vast tot op het ogenblik dat aan een bepaalde tijdsconditie voldaan is, bijvoorbeeld het bereiken van een specifieke datum en tijdsstip, het verlopen van een timer (tijdsduur) of cyclisch (om de zo veel tijd). Klik hier voor meer info over timers en hoe je die precies definieert.

Tabblad basis

Eigenschap

Beschrijving

Timer type

Mogelijke opties: datum, datumexpressie, duurtijd, gelimiteerde cyclus, ongelimiteerde cyclus

Timer definition

Instellen van de timer.

Tabblad geavanceerd

Als je de eigenschappen onder het tabblad basis hebt ingevuld, staan onderstaande eigenschappen automatisch ook ingevuld.

Eigenschap

Beschrijving

Timer definition type

Mogelijke opties: date, duration, cycle

Timer definition

Effectieve definitie van de timer, bijvoorbeeld R/PT20S (herhaal om de 20 seconden).

Timer start event

Eigenschap

Beschrijving

Zie hoger

Zie hoger

Boundary events

Interrupting boundary events

Cancel catch boundary event

Een cancel catch boundary event kan je enkel vastklikken op een transactional subprocess. Dit event vangt een binnen het subprocess uitgestuurde cancellation op en creëert een token die een alternatief pad binnen de workflow activeert. Bijzonder is dat een cancel catch boundary event niet alleen het transactional subprocess afbreekt, maar tegelijk ook alle compensation events binnen dit subprocess triggert. Klik hier voor een uitgewerkt voorbeeld.

Geen speciale eigenschappen voor dit type event.

Compensation catch boundary event

Dit event vangt een uitgestuurde compensatie op en creëert een token die doorgegeven wordt aan een bijkomende taak met als functie het terugdraaien (compenseren) van de actie uitgevoerd door de taak waarop het event gedefinieerd zit. Klik hier voor een uitgewerkt voorbeeld.

Geen speciale eigenschappen voor dit type event.

Conditional catch boundary event

Op het ogenblik dat de hierin gestelde conditie naar true evalueert, wordt de activiteit (taak of embedded subproces) waarop dit boundary event vastgemaakt zit, gecancelled. Het proces loopt dan verder via de uitgaande flow van het event.

Eigenschap

Beschrijving

Idem als hoger

Idem als hoger

Error catch boundary event

Definieer een error intermediate catch event als boundary op je subproces of taak om de daaruit voortkomende BPMN-errors op te vangen.

Eigenschap

Beschrijving

Global error referenced

Naam + code van de BPMN-error die je opvangt.

Name

Naam van de BPMN-error die je opvangt.

Code

Code van de BPMN-error die je opvangt.

Code variable

Definieer de procesvariabele waarin je de code van de opgevangen BPMN-error noteert.

Message variable

Definieer de procesvariabele waarin je de message van de opgevangen BPMN-error noteert.

Escalation catch boundary event

Dit event vangt een escalatie op die vanuit een lager niveau (embedded subprocess of called workflow) uitgestuurd werd. Het interrupting escalation catch boundary event zorgt ervoor dat dit lager gelegen proces afgesloten wordt. Het proces loopt verder via de uitgaande flow van het boundary event. Klik hier voor een uitgewerkt voorbeeld.

Eigenschap

Beschrijving

Global escalation referenced

Naam + code van de escalatie die je opvangt.

Global escalation name

Naam van de escalatie die je opvangt.

Global escalation code

Code van de escalatie die je opvangt.

Escalation code variable

Definieer de procesvariabele waarin je de code van de opgevangen escalatie noteert.

Message catch boundary event

Eigenschap

Beschrijving

Zie hoger

Zie hoger

Signal catch boundary event

Eigenschap

Beschrijving

Zie hoger

Zie hoger

Timer boundary event

Eigenschap

Beschrijving

Zie hoger

Zie hoger

Non-interrupting boundary events

Conditional catch boundary event

Op het ogenblik dat de hierin gestelde conditie naar true evalueert, loopt de activiteit (taak of embedded subproces) waarop dit boundary event vastgemaakt zit, gewoon verder, maar wordt er een bijkomende process token gecreëerd die verder loopt via de uitgaande flow van het boundary event.

Eigenschap

Beschrijving

Idem als hoger

Idem als hoger

Escalation catch boundary event

Dit event vangt een escalatie op die vanuit een lager niveau (embedded subprocess of called workflow) uitgestuurd werd. Het non-interrupting escalation catch boundary event sluit het lager gelegen proces niet af. Een bijkomende proces token loopt nu verder via de uitgaande flow van het boundary event. Klik hier voor een uitgewerkt voorbeeld.

Eigenschap

Beschrijving

Idem als hoger

Idem als hoger

Message catch boundary event

Eigenschap

Beschrijving

Zie hoger

Zie hoger

Signal catch boundary event

Eigenschap

Beschrijving

Zie hoger

Zie hoger

Timer boundary event

Eigenschap

Beschrijving

Idem als hoger

Idem als hoger

JavaScript errors detected

Please note, these errors can depend on your browser setup.

If this problem persists, please contact our support.